Kriebels zitten overal…
in je buik, in je hoofd, op je huid, ergens vanbinnen en rondom jou.
Wat is het toch?
Je weet het heel zeker of helemaal niet.
Maar het kriebelt, het kietelt, het krabt en jeukt. Het doet pijn, is lekker, doet deugd. Het irriteert, frustreert en ergert.
Grrr… wat moet je ermee?
Je wil er meer of minder, ze moeten weg of wil ze terug, koesteren of krabben, grijpen, begrijpen, verslaan, juichen en schreeuwen, zo luid of net heel stil, ze bedekken met tranen, en dan een plekje geven.
Het kan en mag allemaal.
Kribbel jouw kriebels - wat ze ook mogen zijn - met potlood of kwast, geef ze kleur en vorm, in water, zand of klei, scheur of plak, meng, kneed en boetseer, om dan zorgzaam in te pakken
of hard tegen de grond te smakken!
Het kan en mag allemaal.
Want handen brabbelen in eigen taal, jouw uniek verhaal.
Idé